Andere recensies            Josien Laurier

Recensie van De Verhalenbundel van Josien Laurier
door Fleur Speet in Het Financieele Dagblad, 4 juni 2005, p.25.

Fleur Speet

Vervormende Spiegeling

Acht jaar geleden verraste Josien Laurier de literaire wereld met haar derde roman Voor ons ligt een dag van bramenjam. Ofwel men kon er geen chocola van maken, ofwel men danste er vrolijk mee weg. Het was een boek dat ongrijpbaar en dartel was, vol meanderende metaforen en spiegelconstructies. Een boek dat volledig duidelijk werd wanneer de auteur het voorlas. Dan marcheerden de legioenen betekenissen in één lijn en veranderde het vreemde in het gewone.

Gezien de drie buitengewoon sterke, ultrakorte verhalen die Laurier in 1998, 1999 en 2000 in het inmiddels teloorgegane literaire tijdschrift Lust & Gratie publiceerde, was het reikhalzend uitzien naar een nieuw boek. Deze maand is het dan zover, De verhalenbundel verschijnt. De drie verhalen uit Lust & Gratie zijn er helaas niet in opgenomen, maar Lauriers streven is onveranderd gebleven; nog steeds probeert zij het vreemde in het gewone te veranderen om zo de lezer te ontregelen. Deels is dat gelukt, deels snijdt Laurier in eigen vlees.

Wat de drie verhalen in Lust & Gratie zo goed maakte, was dat een auteur met blote voeten voor heel even op het scherp van de snede balanceerde. Ze liep zo behendig dat op de voetzolen slechts een afdruk ragfijn als een haartje achterbleef. Zo spreekt in een van die verhalen een dikke dame twee mensen aan die op een bankje in het park zitten. De dame beslist dat zij verbaasd zijn, maar ze zijn helemaal niet verbaasd. Niet over de omgekeerde kerktorens waarop de dikke dame staat en evenmin over haar hoofdtooi: 'Goh mevrouw, zouden wij zeggen, wat hebt u daar een bijzonder gewei, hoe heeft u dat bevestigd en is het ook te koop?' Hier durft iemand over grenzen te stappen door te ontsporen in dwaze gedachten. Hier zet iemand zijn huid op het spel.

De vijftien verhalen in De verhalenbundel zijn allemaal langer en dat levert wel eens een probleem op; het scherp van de snede laat een jaap achter. Dit betekent dat de inzet van Laurier groter is geworden; ze verhoogde willens en wetens haar risico bij het creëren van niet-bestaande werkelijkheden. Dat is te prijzen.

Maar het gevaar loert als de gekte gewild voortduurt en plotseling zijn bodem verliest, zodat de idiotie bewust aangebracht in het luchtledige zweeft. Dan blijft het abnormale volstrekt onnavolgbaar, een verzameling letters in drukinkt, een experiment, in plaats van levensecht te worden, met voeten en desnoods een staart om stiekem op te rusten. Het is dan ook een kunst om à la Djuna Barnes en Virginia Woolf taal en verhaal opnieuw uit te vinden. Want dat is exact wat Laurier hier doet en dat is beslist geen geringe ambitie.

Het titelverhaal bijvoorbeeld, dat in een ander verhaal Laurier-achtig weerkaatst wordt, is gebaseerd op een briljant idee. Iemand ziet verlangend uit naar het nieuwe boek van zijn favoriete schrijver, maar bij lezing herhaalt de eerste zin van het door ons gelezen verhaal zich en blijkt hijzelf onderdeel van het verhaal. De lezer zit gevangen in een Droste-effect dat zijn weerga niet kent. Maar dan verzandt het verhaal in warrigheid. De lezer probeert aan de greep van de schrijver te ontsnappen, wat natuurlijk niet lukt.

Iets verderop pakt Laurier 'De verhalenbundel' goedgemutst weer op om er een heel andere wending aan te geven. Het heet 'De recensie' en begint op dezelfde manier. Dit is uitermate verrassend en verfrissend. Doordat meerdere verhalen zo hernomen worden in een vervormende spiegeling verandert deze bundel in een organisme, een ademend geheel. Laurier wast in 'De recensie' recensenten de oren en houdt een pleidooi voor macht aan de lezer, maar spettert vervolgens met zoveel sop van theorieën over rechtspraak in de literatuur en meer van zulks zonder dat de hoofdpersoon – een recensent – gedegen kennis van het boekenbedrijf in huis blijkt te hebben, dat het zicht volledig verdwijnt. Het is gerommel (of zoals ze zelf al voor de recensent inkopt: 'het malen verheven tot esthetisch principe') en blijft zo bij een leuk ideetje.

Maar wie geen pogingen waagt met ideetjes, krijgt nooit een verhaal van de grond. En kom, voor een jaap hebben we pleisters, bloed is te betten met betadine. 'De plantage', 'De bril', 'Survival', 'De Muis' en 'Boef' zijn weliswaar ook gebaseerd op een bevreemdend ideetje, toch levert dat in alle vijf gevallen een wonderschoon verhaal op. Volkomen geslaagd, want 'weird' en tegelijk invoelbaar. Grotesk, maar op de millimeter kloppend.

Zo kan iedereen zich indenken hoe groot de beschermingsdrang van ouders is om hun kind te vrijwaren van invloeden van buitenaf. Dat dit vervolgens leidt tot volledige opsluiting en communicatie via machines is daar de overtrokken uitwerking van. We verlangen allemaal naar een ander leven, maar wat als we ons inschrijven voor een soort 'terug-naar-onszelf'-cursus en een acteur ons leven overneemt, terwijl wij ons leven naamloos moeten slijten op een plantage? Wat als je in een toekomst staat waarin het enig verkrijgbare eten een heup van een misdadiger is die je net zijn bril heeft uitgeleend en je in dubio raakt omdat de misdadiger anders voor je neus door honden uiteengereten zal worden?

Het doet denken aan Blanco van Peter Terrin, aan De kelner en de levenden van Vestdijk, in de verte aan 'Poep' van Manon Uphoff en toch is Laurier volstrekt eigenzinnig en uniek. Het unieke zit niet alleen in de uitwerking, maar zit 'm vooral in de temperatuur. Waar Terrin, Vestdijk en Uphoff je ijzige vingers opleveren, wrijft Laurier die warm. Haar personages zijn weliswaar hun focus kwijt (soms zelfs letterlijk als een vrouw haar enige lenzen verliest tijdens een eenzame survival door de Braziliaanse bush), maar proberen het wel. Ze zijn wereldverbeteraars die iets groots teweeg willen brengen, ze geven niet op. En dat pogen, dat aandoenlijke streven, maakt de verhalen van Laurier zo hartverwarmend.

Laurier voegt een nieuwe stem toe aan de literatuur, voor lezers die net als zij dúrven, die niet bang zijn dat Laurier behalve zichzelf ook hen in de vingers snijdt terwijl zij de werkelijkheid in mootjes hakt. Laurier lezen is volstrekt op eigen risico.

 

 

De verhalenbundel

Josien Laurier

Querido, 246 pag., euro 17,95

Copyright (c) 2005 Het Financieele Dagblad